1994 - 2010 Stichting Soester Openluchttheater Cabrio
Toen in 1994 de stichting Cabrio werd opgericht met als doel het openluchttheater in oude luister te herstellen, kwam er een eind aan bijna twintigjarige leegstand van het theater aan de Soesterbergsestraat. Een leegstand die slechts een enkele keer werd opgeheven door een bijzondere activiteit. Verder werd het fraai gelegen theater, daterend uit 1938, nauwelijks nog gebruikt. Het is aan Cabrio en met name aan haar oprichtster Berna Kousemaker te danken dat in 2008 de zeventigste verjaardag van het theater gevierd kon worden.
In 2009 vierde de Stichting Cabrio haar derde lustrum met de actie "Wie jarig is trakteert!": alle leerlingen van de basisscholen in Soest en Soesterberg krijgen een gratis passe-partout voor alle kindervoorstellingen op de woensdagmiddagen.
In dit lustrumjaar werd ook een begin gemaakt met de basisrestauraties van de tribunes en de paden in Cabrio. De tribune wordt eigenlijk bijna helemaal opnieuw opgebouwd. Cabrio begint een sponsoractie om de nieuwe tribune van comfortabele bankjes te voorzien.
Stichting Cabrio is een vrijwilligersorganisatie. Alle werkzaamheden voor het theater worden door onbetaalde medewerkers verricht. Niet alleen de programmering van het theater, maar ook de techniek, de catering, het onderhoud en het toezicht.
De Historie van het Openluchttheater Soest
Het theater ter hoogte van het verdwenen sanatorium/ziekenhuis Zonnegloren, dateert dus uit 1938. Een paar jaar eerder was op deze plek het openluchtspel 'Het Teeken des Kruises' opgevoerd. Dat was zo'n succes dat het plan werd geboren voor 'een meer permanent theater, zoo mogelijk met vaste zitplaatsen, amphitheaters gewijze'. De VVV Soest Vooruit besloot 25 gulden grondkapitaal af te zonderen om daarmede met de Vereniging Soest-Zuid over te gaan tot het in het leven roepen van de Stichting Openluchttheater te Soest.'
In mei 1938 ging de aanleg van het theater van start in het kader van wat toen de publieke werkverschaffing heette. Hoewel er nauwelijks iets werd gebouwd, enkel gegraven en opgehoogd, werd niet minder dan 'een 70-tal werkloozen aan den arbeid gesteld'. Het rijk en de gemeente droegen de kosten, ongeveer 5.000 gulden.
Op zaterdag 3 september 1938 werd het theater, in aanwezigheid van 1000 toeschouwers, officieel geopend in het kader van de herdenkingsfeesten ter gelegenheid van het veertigjarig regeringsjubileum van koningin Wilhelmina. De eerste voorstelling was de opvoering van 'De getemde feeks', een blijspel van Shakespeare, met destijds grote namen in de vaderlandse theaterwereld zoals Magda Jansen, Ko van Dijk en Louis Saalborn.
Het theater bleek in een behoefte te voorzien. Er werden tal van voorstellingen en uitvoeringen gegeven, zowel door landelijke gezelschappen als plaatselijke verenigingen. Bezoekersaantallen van 1.000 tot 1.600 waren geen zeldzaamheid. In 1939 werd besloten het theater van 'een definitieve electrische lichtinstallatie te voorzien' om ook gebruik in de avonduren mogelijk te maken.
Soest ging samenwerken met de theaters in Lochem en Bergen 'zulks met het doel tot besparing van uitgaven te komen'. De drie theaterbesturen besloten tot het engageren van dezelfde gezelschappen.
Het bestuur hoopt ten zeerste dat de bevolking van Soest op deze plannen gunstig zal reageren, want het is buiten kijf dat een Openlucht Theater als het onze voor een plaats als Soest van het allergrootste belang is.
De bewoners van Soest werden gevraagd een gedeelte van onze zorgen af te nemen door een behoorlijk aantal passe-partouts te bestellen'. Dat gebeurde inderdaad. Het resultaat was dat er elke week wel iets te doen was in het theater.
De Tweede Wereldoorlog gooide echter roet in het eten. In 1940 werd het theater helemaal niet bespeeld, in 1941, '42 en 43 mondjesmaat, en in 1944 en '45 weer helemaal niet. In 1945 werd het theater, nadat het provisorisch was hersteld van de zware oorlogsschade, ter beschikking gesteld van in Soest gelegerde Canadese troepen. Die hielden daar hun kerkdiensten.
Tot 1949 heeft de stichting aan haar financiële verplichtingen kunnen voldoen. In 1950 kon ze voor het eerst de begroting niet meer sluitend krijgen. Eind 1955 nam de gemeente het theater over. In 1960 werd het voor 30.000 gulden opgeknapt, waarna volgens een optimistische kijk 'het theater voor vele Soester verenigingen een uitkomst zal zijn.'
De belangstelling nam aanvankelijk inderdaad toe, maar na verloop nam die weer sterk af. Welke voorstelling er ook werd gegeven, het publiek liet het afweten. Zelfs in die mate, dat op 1 januari 1976 de in 1955 nieuwgevormde Stichting Openluchttheater werd opgeheven.
In 1981 besloot het gemeentebestuur in het kader van een grootschalige bezuinigingsoperatie, geen activiteiten meer te ontplooien en geen geld beschikbaar te stellen voor verdere exploitatie van het openluchttheater. Wel konden belangstellenden het theater nog steeds huren bij de gemeente, maar voordat de Stichting Cabrio zich voor het behoud van het unieke theater inspande, kwam dat nauwelijks nog voor.
|